Deel 2 Beklimming Pequeno Alpamayo

Dag 5
Woensdag vertokken we uit de stad. De organisatie die ons transport zou verzorgen naar het laatste dorp Tuni was, tegen onze verwachting in, ruim op tijd. De rit van La Paz naar Tuni kenmerkte zich door wonderbaarlijk slechte wegen. De ogen van Lex werden gestreeld toen hij zo’n 10 kilometer lang een Mitsubishi Lancer het woeste landschap van Bolivia zag trotseren, een lust voor het oog. Aangekomen bij Tuni gingen we op weg naar het basiskamp en verbaasden ons over het aantal willekeurige dammen die in de middle-of-nowhere waren gebouwd. Na een tocht van drie uur kwamen we aan op basecamp (BC). We kookten een pannetje soep, waarna Lex zich vervolgens met kotsneigingen terugtrok in de tent om daar niet uit te komen tot de volgende morgen. Gelukkig werd alles binnengehouden. Allebei lagen we diep in de slaapzak en de gedachte van Dennis om nog wat te kokkerellen werd door sneeuwval onmiddellijk verworpen.

Dag 6
De volgende morgen stonden we beiden weer fris en fruitig op. De BC was bedekt met een mooi wit laagje sneeuw, altijd lekker in je zomervakantie. We waagden ons aan het ontbijt en maakten een klein acclimatisatietochtje tot aan de gletsjer, uiteraard alles uiterst relaxed. Toch protesteerde onze ademhaling tegen het feit dat we zo hoog zaten. Terug aangekomen op het kamp deden we een aantal opmerkelijke waarnemingen: ook op dit kamp is een kampcommandant aanwezig. Deze houdt zich bezig met het uitleggen en oprollen van een hele lange tuinslang. Geen mens weet waarvoor. Daarnaast is ook dit jaar de Duitse Mannschaft goed vertegenwoordigd, veel Duitsers. Tot ons genoegen is een groep van ongeveer twaalf wulpse Amerikaanse dames gearriveerd, waarschijnlijk op hiketour. Tot slot heeft Dennis een succesvolle poging ondernomen om zijn koude batterij aan de praat te krijgen door deze alvorens hem in zijn mp3-speler te plaatsen anaal in te brengen en zo op te warmen.

Dag 7
Vrijdag was de dag dat onze conditie en alpinedichtheid voor het eerst op de proef zou worden gesteld. Op het programma stond de Pequeño Alpamayo. Volgens onze gidsjes en kaarten heeft deze top een hoogte van 5360 meter, een aardige top dus. Om 08.30 gingen we op pad met ideaal weer: heldere hemel, windstil en zon. De tocht begon voorspoedig. Het ploeteren op hoogte vrat energie, maar daar hadden we op gerekend. Enigszins vermoeid kregen we een top in zicht die volgens onze hoogtemeters en de GPS de Alpamayo moest zijn. We namen even rust voordat we de laatste loodjes af zouden leggen. Dennis twijfelde of het daadwerkelijk de top van de Alpamayo was die we zagen, maar volgens onze meetinstrumenten kon het niet anders. In ieder geval, Alpamayo of niet, de top zou ons eindpunt zijn. Aardig afgepeigerd aangekomen op de top werden we geconfronteerd met het onvermijdelijke: achter onze beoogde top kwam een geweldig mooie, maar hoge top tevoorschijn. Dit was de Alpamayo en het was nog een heel eind klimmen. Op de foto zie je hoever we nog moesten, het beeld spreekt voor zich. Stiekem overwogen we allebei om te stoppen en om te keren, maar we streken het over ons hart en besloten onze emoties maar even uit te stellen. De top was zeker de moeite waard. Vooral in dit laatste stuk was het zó angstig stil dat je echt het idee had dat je écht alleen met zijn tweeën tegen die berg aan het opstompen was. In dat laatste stuk zaten geweldige momenten die de hele vakantie al de moeite waard maakten. Op de top van de Alpamayo zelf waren we beide uitgeput en genoten van het briljante uitzicht. De terugweg verliep redelijk gemakkelijk en aangekomen bij de tent moesten we flink wat calorieën naar binnen werken om voldoende energie binnen te krijgen. Bovendien was het natuurlijk niet de bedoeling dat we dat eten weer mee naar beneden moesten zeulen.

Dag 8
In het weekend moet je jezelf niet teveel inspannen dus daar hielden wij ons aan. Zeker toen we ons allebei erg leeg voelden zodra we opstonden. Vooral Dennis had de neiging zichzelf aan een infuus op te hangen dus we gingen maar weer eens op ons dooie gemakkie naar de schrale nederzetting Tuni om vandaar terug te gaan naar ons vertrouwde hotel in La Paz. Het feest dat we in de stad aantroffen sloeg werkelijk alles, maar we besloten er weinig aandacht aan te schenken, want wij hadden belangrijkere zaken aan ons hoofd, namelijk: herstellen. Wat inhield dat Lex zoveel mogelijk kraampjes afging om eten naar binnen te werken en Dennis zijn kans afwachtte tot we bij de Italiaanse ijsbollenkraam aankwamen. Daarna slapen en avondeten. Het avondeten bestond voor Dennis uit twee paracetamolletjes met verse jus. Lex schoof aan bij een stel Nieuw-Zeelanders die op rondreis in Zuid-Amerika waren en at vis uit het Titikaka-meer.